rss

Hagen en kringloopwanden

Afscheidingen delen de tuin op in verschillende zones of beschermen tegen wind en geluid, maar kunnen ook louter decoratief zijn.Denk niet onmiddellijk aan bakstenen muurtjes, maar wees creatief. In de Ambertuin te Kiewit wordt de voorkeur gegeven aan natuurlijke afscheidingen of afscheidingen met gerecycleerd materiaal.

Recycleer afval in een stapelmuurtje

Oude tegels, stenen, kasseien en dakpannen hoeft u niet weg te gooien: maak er een mooie afscheiding mee door ze op elkaar te stapelen. Zorg er wel voor dat het muurtje niet in de grond kan wegzakken. Als u liever een ‘groene’ muur hebt, kan u de wanden versieren met mos, muurplanten en varens. Een stapelmuurtje is een uitstekende schuilplaats voor kleine diertjes.

Iconen stapelmuurtje

Geef snoeihout een tweede leven in een takkenwal

In een takkenwal krijgt snoeihout een nieuwe functie. Steek twee rijen steunpalen in de grond en stapel uw gesnoeide takken er tussenin. Snoei de takken eventueel bij voor een mooi afgelijnde wand. Ook in een takkenwal komen kleine dieren, zoals egels, graag schuilen.

Iconen takkenwal

Creatief aan de slag met takken: vlechten maar!

Met een beetje handigheid bouwt u mooie, decoratieve tuinconstructies. Vlechtwerk is mooi als lage wand naast een plantvak, hoge haag voor beschutting of als speelelement (een tunnel, hut,…). Kies lange, rechte takken uit uw tuin. Indien u levend vlechtwerk wil maken, waarbij de takken terug uitschieten, kiest u best voor takken van een wilg, maar voor dood vlechtwerk is ook de hazelaar zeer geschikt. Een knotboom vormt een natuurlijke parasol en is voor beide soorten vlechtwerk een goede keuze. Vlechtwerk vergt een minimaal onderhoud: levend vlechtwerk moet gesnoeid worden, terwijl dood vlechtwerk om de paar jaar aan vernieuwing toe is. Voorzie dus een wilg of hazelaar in uw tuin, zodat u steeds vlechthout ter beschikking hebt.

Levend vlechtwerk Dood vlechtwerk 

Iconen levend vlechtwerk

Iconen dood vlechtwerk

 

Bloemen en bessen in een gemengde haag

Een gemengde haag bestaat uit meerdere soorten haagplanten. In de Ambertuin te Kiewit werd gekozen voor de combinatie: 

  • 65% meidoorn (Crataegus monogyna)
  • 30% haagbeuk (Carpinus betulus)
  • 5% inheemse vogelkers (Prunus padus) 

De haagplanten werden in één enkele rij geplant met een tussenafstand van 25-30cm.  De haag wordt één maal per jaar geschoren in de maand juni. Door de jonge planten niet meteen in de hoogte te laten doorschieten maar ze goed kort in te snoeien, ook de jonge zijtakjes, kan de haag zich  onderaan goed dicht vertakken. Gemengde hagen die in de hoogte vrij mogen uitgroeien kunnen mooi bloeien en bessen vormen. Heel wat tuinvogels houden van doornige hagen om hun nest in te bouwen.