rss

Plantvakken

Plantvakken met bomen, struiken, vaste planten en bodembedekkers kleden de tuin aan. Een doordachte combinatie van planten levert mooie niveauverschillen en kleurschakeringen op. Zo'n combinatie is bovendien beter bestand tegen ziekten en voorkomt kale plekken.

Hoe leg ik een onderhoudsvriendelijk plantvak aan?

  • Geef bomen en struiken voldoende ruimte. U moet ze dan niet of minder vaak snoeien.
  • Niet alle planten doen het elk jaar even goed. Combineer verschillende soorten. Zo oogt uw plantvak altijd mooi.
  • Gebruik bodembedekkers en houtsnippers. Ze beschermen de bodem en voorkomen onkruid.
  • Hou rekening met de bodem en de hoeveelheid zon die de planten nodig hebben.
  • Ga na wat de beste periode is om een bepaalde soort te planten en te snoeien.
  • Geef de voorkeur aan bomen en struiken die weinig snoeiwerk en ander onderhoud vergen.
  • Laat dode bladeren liggen. Ze beschermen de bodem tegen erosie, uitdroging en kou. Bovendien bieden ze allerlei beestjes een schuilplaats.
  • De ene soort wordt al wat groter en hoger dan de andere. Speel daarop in om uw plantvakken een natuurlijke gelaagdheid te geven.

         Iconen plantvak

 


Plant een knotboom 

Een knotwilg is niet alleen mooi in het landschap, maar doet het ook uitstekend op een vochtige plaats in de tuin. Oude, verweerde knotwilgen zijn ecologisch uiterst waardevol. Ze bieden heel wat dieren immers een schuil- of broedplaats. Elke knotbeurt levert bovendien vers materiaal op voor een takkenwal of vlechtwand. Ideaal hiervoor is de bekende katwilg (Salix viminalis) met zijn gele takken. In de winter snoeit u gewoon alle takken tot op de bestaande knot. Andere streekeigen soorten die hiervoor geschikt zijn, zijn de eik, es, esdoorn en els. Meer informatie vindt u hier.

Een haag of een heg?

Om delen van uw tuin af te bakenen, kunt u kiezen voor een haag of een heg. In een haag staan de struiken dicht opeen. Een heg groeit meer in de breedte en vraagt minder onderhoud.  

Een gemengde haag bestaat uit meerdere soorten haagplanten. In Kiewit werd gekozen voor de volgende combinatie:

  • 65% eenstijlige meidoorn (Crataegus monogyna)
  • 30% haagbeuk (Carpinus betulus)
  • 5% gewone vogelkers (Prunus padus

De haagplanten werden in een enkele rij geplant met een tussenafstand van 25-30 cm. De haag wordt jaarlijks in juni één keer geschoren. Door de jonge planten niet meteen in de hoogte te laten doorschieten maar ze kort in te snoeien, inclusief de jonge zijtakjes, groeit de haag ook onderaan goed dicht.

Gemengde hagen die in de hoogte mogen uitgroeien, zullen mooi bloeien en vruchten dragen. Veel tuinvogels bouwen hun nest graag in doornige hagen, veilig voor huiskatten en andere rovers. Meer informatie over hagen en heggen vindt u op deze pagina.

Makkelijke vaste planten en bodembedekkers

Terwijl bodembedekkers het onderhoud van uw plantvakken vergemakkelijken, maken vaste planten die elk voorjaar weer opduiken ze vooral mooier. Het aanbod is gigantisch. Voor wie in het tuincentrum het bos door de bomen niet meer ziet, stelden we dit Amberlijstje samen:

Bodembedekkers

  • Kruipend zenegroen (Ajuga reptans)
  • Elfenbloem (Epimedium versicolor)
  • Pachysandra (Pachysandra terminalis 'Green Carpet')
  • Longkruid (Pulmonaria longifolia)
  • Kleine maagdenpalm (Vinca minor)

Vaste planten

  • Vrouwenmantel (Alchemilla mollis)
  • Herfstanemoon (Anemone tomentosa)
  • Purperklokje (Heuchera micrantha 'Palace Purple')
  • Hemelsleutel (Sedum spectabile)
  • Ooievaarsbek (Geranium macrorrhizum 'Spessart')